Slecht slapen: soms aangeleerd!

Slapen kun je leren. Dat is goed nieuws, maar het betekent ook dat je een baby kunt leren om slecht te slapen. Waarom je dit zou doen? Omdat je het soms niet door hebt dat je het doet. Raar maar waar, maar erg logisch als je een onrustige baby hebt. Op dat moment ben je al blij met iedere minuut slaap, of dit nu in eigen bed of bovenop jou is. En zo faciliteer je, met al je beste intenties, slecht slapen. Valkuil nummer 4: slecht slapen faciliteren.

Even een stapje terug

In de vorige blogs heb je kunnen lezen over de slaapvalkuilen waar je als ouder met open ogen in kunt stappen. Met als gevolg: een slecht slapend ukje en wallen tot je enkels. Gelukkig kun je hier zelf verandering in brengen. Of het zelfs voorkomen. Als je weet welke valkuilen er zijn, loop je er immers niet in. En als het al gaande is, kun je het tij keren. Op tijd naar bed brengen, zorgen dat je kind genoeg slaap heeft en een lieve, goede bedtijdroutine zetten de eerste zoden aan de dijk. In dit blog doen we er weer een schepje bovenop.

Trucendoos

Als je kind slecht in slaap valt, dan geeft dit meestal onrust. Je baby gaat huilen, jij gaat troosten, wiegen en allerlei trucen uit de kast halen om je baby maar in slaap te krijgen. Oudere kinderen kunnen gaan spoken: willen verhaaltje na verhaaltje, komen naar beneden terwijl ze al moeten slapen. Voordat je het weet ben je de hele avond in de weer. Ouders doen de meest gekke dingen om hun kleintjes in de slaap te krijgen. Van midden in de nacht in de auto rondrijden tot een avond lang bij het kind zitten. De meeste trucen zullen werken, eventjes. Daarom doe je het ook. Het probleem is alleen dat je het gedrag faciliteert. Je trucen worden onderdeel van de slaaproutine en je uk verwacht dat je dit iedere avond doet. Ook leert je kind op een negatieve manier aandacht te vragen. Spoken, jammeren, huilen: het zorgt er immers voor dat mama en/of papa bij je blijven. En dus gaat het ongewenste gedrag steeds vaker gebeuren. Vaak heb je niet in de gaten dat je het doet. Je faciliteert immers met de beste intenties. Waarom slaapt je kind slecht en hoe doorbreek je deze vicieuze cirkel?

Baby’s die slecht slapen

Baby’s die lastig willen gaan slapen zijn niet aan het manipuleren. Vaak is er wat aan de hand: ze zijn oververmoeid en overprikkeld. Dat komt doordat ze overdag slecht of te kort slapen. Het vasthouden aan een routine en ervoor zorgen dat je spruit zijn slaapjes overdag goed doet, op tijd op bed leggen, goed kijken naar de slaapsignalen: dat is de oplossing in dit geval. Baby’s horen veel te slapen. Niet altijd doen ze dat vanzelf. Je moet de slaapsignalen zien. Meer over slaapsignalen vind je op de website van Stichting Onrustige Baby. Zijn de slaapsignalen slecht te zien? Dan kun je als vuistregel gebruiken dat een pasgeboren baby maximaal 45 minuten wakker is tussen slaapjes. Dat is inclusief de voedingstijd. Een baby van drie maanden oud is al maximaal 90 minuten wakker. Gemiddeld duurt een slaapje 2 uur. Slaapt je baby minder of doet hij/zij juist een hele lange ochtendslaap en wil hij dan daarna niet meer slapen? Pas dan het ritme aan. Meer hierover lees je in mijn boek Baby in een ritme.

Peuters, kleuters en kinderen die slecht slapen

Ook bij wat oudere kinderen zie je vaak dat slaapproblemen hun oorzaak overdag vinden. Als de dag te druk is, je misschien te weinig echt samen hebt gedaan, dan kan dit tot slaapproblemen leiden. Je kind gaat dan in de avonduren aandacht vragen. De oplossing is om overdag of voor het slapen gaan, momenten ‘in te plannen’ waarop je echt bezig bent met je kind. Geen laptop, geen telefoon, geen televisie: gewoon even samenzijn. Dit kun je ook prima combineren met ‘tot rust komen’. Samen op de bank even een boekje lezen, praten over vandaag: het is 1-op-1 aandacht en maakt je kleintje rustig en klaar om te gaan slapen. Je kind kan ook slecht gaan slapen als je inconsequent bent. Als je kleintje de ene keer wel een half uurtje langer mag opblijven en de andere keer niet bijvoorbeeld. Of als het spoken vandaag wel effect heeft en morgen niet. Je kind leert dan dat doordrammen en volhardend zijn effect sorteert en zal dit dus blijven doen om zijn zin te krijgen.

Wees duidelijk

Wees duidelijk en houd je aan de slaaproutine. Bedtijd is bedtijd. Is het je gewoonte om een verhaaltje voor te lezen voor het slapen gaan? Lees dan ook altijd een verhaaltje voor. Laat je niet verleiden om twee avonturen te vertellen. Komt je kind het bed uit als al gedag is gezegd? Dan breng je hem dus gewoon weer naar bed en vertel je hem dat dit niet de bedoeling is. Leg uit dat slapen belangrijk is en dat het nu bedtijd is. Dit blijf je doen. Ook ’s nachts. Misschien is het even inleveren op nachtrust, maar je investeert in je nachtrust en die van je kind op de lange termijn. Een vaste bedtijd en een vaste routine geven houvast. Als je kind van jongs af aan niet anders is gewend, zal het waarschijnlijk nooit echt gaan spoken als het ouder is. Het zijn juist de kinderen die als baby relatief makkelijk waren die misschien wel de schade inhalen als ze wat ouder zijn. Regelmaat en consequent zijn: dan kom je er wel.

Uiteraard verandert het spel als je kind ziek is. Dan kun je als een ‘ijzeren Wilma’ vasthouden aan de routine, maar een ziek kind heeft zijn ouders nodig. Zaak is wel om, zodra je kleintje weer beter is, de routine gewoon weer op te pakken. Tot slot: duidelijk zijn en een ritme volgen kan ook heel liefdevol. Je hoeft je baby niet te laten huilen, niet boos te worden op je kind. Juist door de grenzen aan te geven en de dingen voorspelbaar te maken geef je veel geborgenheid en krijg je een blij ukje.

Over Stephanie

Stephanie Lampe is onrust- & slaapdeskundige en auteur van diverse boeken op dit gebied. Ze is oprichtster van de Stichting Onrustige baby. Bovenal is ze trotse mama van drie dochtertjes (7, 5 en 2 jaar).

Advertenties

Tags:, , , , , , , , , , , , ,

Categorieën: Slapen

%d bloggers liken dit: